Verhuisd



Let op: Neder-L is verhuisd naar www.neerlandistiek.nl

maandag 31 december 2012

Gerrit Komrij-prijs

Dit jaar is voor het eerst de Gerrit Komrij-prijs uitgereikt: aan Ingrid Biesheuvel voor haar vertaling van Middelnederlandse Arturverhalen. Gefeliciteerd, mevrouw Biesheuvel, met uw prachtige boek en met de wat minder prachtige bokaal.

De vraag is wie deze prijs in 2013 krijgt. Tips kunt u vanaf nu insturen.

Meebouwen aan de toren van Babel

Mocht je voor het komend jaar nog goede voornemens nodig hebben, overweeg dan om mee te bouwen aan de nieuwe Toren van Babel. Ja, ik weet ook wel dat het de vorige keer volgens sommige bronnen niet zo goed is afgelopen, maar je kunt het altijd nog eens proberen, en misschien op iets bescheidener schaal.

Onder de noemer van zo'n Toren willen een groep vrijwilligers een Taalmuseum bouwen; naar het zich laat aanzien in de buurt van Leiden (waar bijvoorbeeld ook het museum Corpus staat). Het zal tijd worden.

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 27


Een schoone ende amoruese historie van

Ponthus ende die schoone Sydonie,

welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.


Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.




zondag 30 december 2012

De taal van Youp van 't Hek

Ik moet zo vreselijk lachen. Ruim vijfentwintig jaar schrijft de cabaretier Youp van 't Hek al columns voor NRC Handelsblad. De krant stond er gisteren uitgebreid bij stil, met een vier pagina's waarin de columnist vrolijk onder meer zijn werkwijze uit de doeken deed. De columnist is belangrijk voor de krant, er schijnen veel mensen te zijn die hem op zaterdag kopen om zijn stukje te lezen. Zijn columnbundels zijn altijd beststellers.

Wat verklaart het succes van Van 't Heks proza?


Laatste gedicht (4)


De dichter over het kale van zijn gedichten:
 
Ik probeer zo te schrijven dat mijn gedichten lezen als een krantenartikel, het is goed te volgen, maar je kunt er ook diepere lagen van betekenissen en emoties in vinden.

De interviewer:

Uw gedichten worden ‘moeilijk’ en ‘ontoegankelijk’ genoemd. Zelf noemt u ze juist ‘hitgevoelig’.

De dichter:

Leg mijn gedichten maar naast andere poëzie: ik schrijf heel normale zinnen en probeer het over serieuze dingen te hebben. In mijn nieuwste bundel Als ik als eerste aankom gaat het over op reis gaan en thuiskomen, soms ingrijpende zaken.

En herkenbare zaken. Het maakt het des te vreemder dat, zoals ik eerder al veronderstelde,  de naam van Nachoem Wijnberg zelfs bij neerlandici soms nauwelijks bekend is.

Wat is er aan de hand met zijn poëzie?

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 26


Een schoone ende amoruese historie van

Ponthus ende die schoone Sydonie,

welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.


Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.




zaterdag 29 december 2012

Niemand weet hoe de taal in 2012 veranderd is

Ook in 2012 is het Nederlands weer flink veranderd. Ik heb alleen geen idee in welke richting dat precies is gebeurd.

We zijn al een maand aan het terugblikken. De lijstjes met 'woorden van het jaar' buitelen over elkaar heen, maar niemand lijkt er echt in te geloven. Het zijn grappige gimmicks die kennelijk ieder medium dat iets met taal heeft gebruikt om even in de aandacht te komen. Maar lees voor de aardigheid eens een lijstje van een paar jaar geleden door — er is niemand die zich die woorden nog herinnert.

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 25


Een schoone ende amoruese historie van

Ponthus ende die schoone Sydonie,

welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.


Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.




vrijdag 28 december 2012

Lik op stuk



"Net als voorgaande jaren zal er ook tijdens de komende jaarwisseling hard worden opgetreden tegen veroorzakers van ongeregeldheden. Zoveel mogelijk wordt lik-op-stuk-beleid toegepast." Aldus een persbericht van het Openbaar Ministerie van 21 december. De personen die 't betreft weten natuurlijk dondersgoed wat dat lik-op-stuk-beleid inhoudt:  (super)snelrechtzittingen en  meteen uitzitten van opgelegde gevangenisstraffen, maar waar de uitdrukking vandaan komt en wat ie oorspronkelijk betekende, daarover zullen zich wel nooit 't hoofd gebroken hebben, vermoed ik. Dat heb ik wel gedaan.

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 24


Een schoone ende amoruese historie van

Ponthus ende die schoone Sydonie,

welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.


Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.




donderdag 27 december 2012

Reisekolloquium 2013: Durch (W)Orte / Through Words and Places – 1-2 maart 2013, Haus der Niederlande, Münster



Het Institut für Niederländische Philologie van de Westfälische Wilhelms-Universität Münster organiseert in samenwerking met de Radboud Universiteit Nijmegen en de Vrije Universiteit Brussel:

Durch (W)Orte – Reisen und Schreiben im niederländisch- und deutschsprachigen Raum zwischen 1800 und 1950 / Through Words and Places – Travel and Writing in Dutch- and Germanspeaking Regions of Europe between 1800 and 1950

 1-2 maart 2013, Münster (Duitsland)


Het concept ‘reizen’ wordt vaak geassocieerd met  verre oorden, het exotische en een confrontatie met een ‘ander’. Reizen vond en vindt echter ook plaats op kleinere schaal, bijvoorbeeld in een buurland dat op het eerste gezicht helemaal niet zo ‘anders’ lijkt. Ondanks hun nationale grenzen vormden Nederland, België, Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk in de negentiende en het begin van de twintigste eeuw een gebied dat onderling sterk verbonden was op het economische, politieke en sociale vlak. Dit netwerk van verbindingen kwam ook tot uitdrukking in concrete reisbewegingen die deze Duits- en Nederlandstalige landen doorkruisten. Het doel van het colloquium is om deze routes op twee manieren te benaderen: enerzijds het reizen als een culturele praktijk in een historische context, anderzijds met het schrijven over reizen als tekstuele praktijk.

De voertalen van de conferentie zijn Engels en Duits.

Meer informatie over het specifieke programma is te vinden op:
http://www.durchworte.de.ms
. Keynote speakers zijn Tim Youngs (Groot-Brittannië), Ottmar Ette (Duitsland) en Alison Martin (Groot-Brittannië).

Toegang is gratis, maar registratie vooraf is vereist. Wilt u het colloquium bijwonen, gelieve te registreren per e-mail via durch.worte@uni-muenster.de vóór 10 februari 2013.

De organisatie kijkt ernaar uit u in Münster te ontmoeten!

Lezing historicus Harold Cook – 16 januari in de KB Den Haag



Drs. J.S.M. Savenije, algemeen directeur van de Koninklijke Bibliotheek, nodigt u van harte uit voor de lezing van historicus prof.dr. Harold Cook op woensdag 16 januari 2013, ter afsluiting van zijn fellowship bij de Koninklijke Bibliotheek en het NIAS (Netherlands Institute for Advanced Study in the Humanities and Social Sciences).

Harold Cook (Brown University) is een autoriteit op het gebied van de zeventiende-eeuwse medische en handelsgeschiedenis. In zijn lezing onder de titel: “Assessing the Truth. Correspondence and Information at the End of the Golden Age gaat hij in op de vermeende overeenkomsten tussen de zeventiende-eeuwse ‘Republiek der letteren’ en het moderne streven naar Open Access.

woensdag 26 december 2012

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 23


Een schoone ende amoruese historie van

Ponthus ende die schoone Sydonie,

welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.


Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.




dinsdag 25 december 2012

Linguïstisch Miniatuurtje CLVIII: Grammatica alleen kan je redden

Ik moet eerlijk bekennen dat ik tot voor kort bijna niks met facebook deed. Ja, ik had een account, maar daar was dan ook alles mee gezegd. Sinds enige weken probeer ik echter herhaaldelijk te kijken wat er zoal gebeurt (wat "mijn vrienden" allemaal "liken" bijvoorbeeld). Daar word ik nog niet zo heel veel wijzer van (ik vraag me nog steeds af wat ik daar te vertellen zou kunnen hebben dat ik niet al elders kwijt kan), maar goed, ik zie wel eens interessante mededelingen van anderen voorbijkomen.

Zo was ik onlangs zelfs een keer "getagd" (of heet dat alleen bij foto's zo?) in een bericht van Nicoline van der Sijs. Zij schreef: "Speciaal voor Ton van der Wouden, Hans Broekhuis en Peter-Arno Coppen: http://chronicle.com/blogs/linguafranca/2012/12/20/grammar-to-the-rescue/." Daar had ik gemengde gevoelens bij.

Kerstmis in de Gulden legende


Volgens de Romeinse kalender was de nacht van de 24e naar de 25e december de donkerste en langtste nacht van het jaar. Een uitgelezen nacht om het Licht der Wereld geboren te laten worden. Hoe dat allemaal in zijn werk ging, en waarom het ging zoals het ging, is gedurende de Middeleeuwen in meer dan één boek beschreven. Een heel belangrijke bron van kennis is de Legenda aurea, in het Middelnederlands vertaald als Gulden legende door Petrus Naghel van Aalst, en naar men denkt voltooid op 9 januari 1357.
     Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan het eerste deel van de editie van de Gulden legende. Deel 2 verscheen begin dit jaar, zoals u hier in dit Neder-L bericht kunt lezen. De legende waarin Kerstmis uit de doeken gedaan wordt, staat in het eerste deel van deze tweedelige editie. Bij wijze van Kerstgeschenk bied ik u namens de drie editeurs (Amand Berteloot, Geert Claassens en Willem Kuiper) een voorpublicatie aan van deze legende. U kunt hem op het scherm lezen of downloaden en afdrukken door op deze link te klikken.

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 22


Een schoone ende amoruese historie van

Ponthus ende die schoone Sydonie,

welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.


Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.




maandag 24 december 2012

Pas verschenen: Strijd! Conflict en polemiek in de Nederlandse letteren



Afgelopen vrijdag, 14 december 2012, nam Jaap Goedegebuure afscheid als hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde aan de Universiteit Leiden. Ter gelegenheid daarvan verscheen de bundel Strijd! Polemiek en conflict in de Nederlandse letteren.


Deze bundel bevat zesentwintig korte beschouwingen over verschijningsvormen van strijd en conflict in de Nederlandse letteren. Vanaf de vroegste polemiek in het Nederlands in de middeleeuwen, tot en met de vete tussen Herman Brusselmans en Arnon Grunberg in de eenentwintigste eeuw.

Want er wordt veel gestreden in de Nederlandse literatuur. Een schrijver kan zich ergeren zich aan zijn collega, aan de criticus die zijn boek afkraakt of aan de corrupte staat van de mensheid zelve. Dan grijpt hij naar het beste wapen dat hij heeft: de pen.

Ook de literatuur zelf komt aan bod. In drie gedichten en een verhaal leveren Oek de Jong, Maria van Daalen, Anton Korteweg en Willem Jan Otten hun visie op het thema ‘strijd’.

U kunt een exemplaar van Strijd! bestellen door een e-mail te sturen naar Leiden University Press, Afdeling bestellingen: orders@lup.nl


Strijd! Polemiek en conflict in de Nederlandse letteren. Onder red. van Suzanne Fagel, Eep Francken en Rick Honings. Leiden: LUP, 2012. 240 pagina's. ISBN: 9789087281687. Prijs 39,95 euro.

Afscheid van 2012, afscheid van de literatuur


Afgelopen week hield een van mijn studenten een presentatie over Het afscheid van de literatuur, de geschiedenis van een ontwaarding 1700-2000 van William Marx (voor € 8,99 bij De Slegte). Vanwege die presentatie moest ik mij weer in dit boek verdiepen. Hoewel ik Marx een slordige denker vind, heeft hij op een bepaalde manier wel een punt. Hij is slordig op het gebied van vergelijkingen: hij neemt de aardbeving van 1755 waarbij Lissabon verwoest werd als casus net als de Holocaust om aan te tonen dat literatuur er steeds minder toe doet.

Laatste gedicht (3)


Exemplarische of existentiële anekdoten die soms aan chassidische vertellingen deden denken, het objectiverende van Chinese landschapspoëzie, de inwisselbaarheid van levens in Het leven van, het personage Ghalib in Wijnbergs voorlaatste bundel Divan van Ghalib – na alle onpersoonlijkheid was niet alleen het persoonlijk voornaamwoord in Als ik als eerste aankom een verrassing. Ik loop langs mijn boekenkast en zie Wat ik mijzelf graag voorhoud van Lieke Marsman en Ben jij het, ik? van Kees Ouwens. Ook nog Koplands Toen ik dit zag, een dun bundeltje. Dat roemruchte lyrisch subject: het houdt zich blijkbaar graag schuil. 

Niet alleen een persoonlijk voornaamwoord staart ons aan op de omslag van Als ik als eerste aankom; dat doet ook de dichter zelf. Een modern statieportret: we zien een late veertiger, goedgekapt en met een lichtpaars poloshirt van Hugo Boss. Hier is een dichter die zich niet laat reduceren tot een paspoortfotootje op de achterkaft.

zaterdag 22 december 2012

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 21


Een schoone ende amoruese historie van

Ponthus ende die schoone Sydonie,

welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.


Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.




vrijdag 21 december 2012

In memoriam Ron van Zonneveld (Den Haag 13.12.1942 – Groningen 11.12.2012).


door Anneke Neijt
Vorige week stond het overlijdensbericht in de krant: “Mijn lieve, geweldige man en onze fantastische vader is tot ons grote verdriet overleden”, ondertekend door Roelien Bastiaanse en Rons kinderen. Na een kort ziekbed kwam het definitieve afscheid.

In de taalkunde is Ron van Zonneveld bekend van zijn artikelen in bijvoorbeeld Tabu, Linguistics in the Netherlands en Nederlandse taalkunde. Hij studeerde Algemene Taalwetenschap in Leiden, werkte lange tijd bij de afdeling Nederlandse taal- en letterkunde van de Rijksuniversiteit Groningen en was na zijn vervroegde pensionering in 2005 wetenschappelijk en taalkundig docent en adviseur van de kennisonderneming Wagner Group.

Al lezende in Ogier van Denemerken – 11

Al lezende in Ogier van Denemerken – 11 : Wraak (2)

Amand Berteloot


Met onze vorige bijdrage zijn we bij een van de hoofdmotieven van OvD aangekomen. Het wraakmotief loopt als een rode draad doorheen het hele epos. Het begint met Karels pogingen om Ogier te doden als wraak voor de smaad die hem door diens vader Godefroot werd aangedaan. Na de dood van Godefroot begaat Karels zoon Charloot een moord op Ogiers zoon Boudijn. Omdat Karel weigert Charloot aan Ogier uit te leveren, wordt deze zo lang door wraakzucht tegen Karel en zijn bondgenoten gedreven tot God door middel van een engel uiteindelijk de wraakneming op Charloot verhindert. Intussen strijden de Sarrazenen permanent tegen de christenen en beide partijen wreken zich voortdurend op elkaar voor de gesneuvelden op het slagveld. In het bijzonder de overwinning van Ogier op de Sarrazeense hoofdman Broyier is er de oorzaak van dat Ogier voortdurend het doelwit van wraakneming blijft. Het ligt dan ook voor de hand dat de woorden ‘wreken’ en ‘wraak’ in OvD niet van de lucht zijn. En als zowel kopiist LuFl als uitgever HiWe, zoals we in de vorige bijdrage hebben gezien, bij het eerste optreden van het woord ‘wraak’ van streek raken, kan het niet verkeerd zijn naast de vindplaatsen van het substantief ‘wraak’ ook die van het werkwoord ‘wreken’ nader te onderzoeken.

donderdag 20 december 2012

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 20


Een schoone ende amoruese historie van

Ponthus ende die schoone Sydonie,

welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.


Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.




woensdag 19 december 2012

Een blog dat de lezer waardeert


Er wringt iets in het Nederlands. En het dreigt in de toekomst nog erger te gaan wringen. Maar onze nazaten zullen het wel oplossen – ik heb zelfs een vermoeden hoe.

Lang geleden had het Nederlands naamvallen, ook in de spreektaal. Naarmate die verdwenen, werd hun rol – namelijk: laten zien welk woord welke grammaticale functie vervult – overgenomen door voorzetsels en door een strikter voorgeschreven woordvolgorde.

Wat er wringt, is dat in sommige soorten zinnen de woordvolgorde op andere gronden al zo vast ligt, dat ze die ‘naamvalsvervangende’ functie niet kan vervullen. Zinnen als ‘Wie heeft de parkiet laten schrikken?’ en ‘Dit is de parkiet die de wijkverpleegster heeft laten schrikken’ zijn daardoor dubbelzinnig.

Al lezende in Ogier van Denemerken – 10

Al lezende in Ogier van Denemerken – 10 : Wraak (1)

Amand Berteloot


Karel de Grote verschijnt in OvD als een zeer halsstarrig vorst. Na de vernederende behandeling van zijn boden door Godefroot van Denemerken staat zijn besluit, de gijzelaar Ogier voor dit misdrijf van zijn vader te doen boeten, vast. Hij laat zich van dit plan niet afbrengen, zelfs als 130 ridders onder leiding van de pairs Namels van Bavier en Gwindeloen hem om genade voor de jonge Ogier komen smeken. Zelfs als de koningin op verzoek van Namels met dertig jonkvrouwen voor haar gemaal op haar knieën valt, laat hij zich door haar smeekbede niet vermurwen. Ze spreekt hem als volgt aan (zoals steeds naar de editie-Weddige maar zonder diakritische tekens):

dinsdag 18 december 2012

Zaaddodend



In NRC Handelsblad van zaterdag 15 december kwam ik twee keer 't adjectief zaaddodend tegen in figuurlijke betekenis. Dat verbaasde me, want je komt dat woord in die betekenis zelden tegen, zei mijn gevoel. Dat gevoel heeft me niet bedrogen, want de Krantenbank wijst uit dat dit zaaddodend gemiddeld één keer per jaar voorkomt.
De eerste attestatie is in een artikel in De Volkskrant van 20 februari 1995. Marcel van Lieshout schrijft daar over het ‘zaaddodend proza’ dat ie in 't blad Opzij aantreft. Ik noem hem omdat hij hoogstwaarschijnlijk de eerste is die zaaddodend zo gebruikt, want ook in de database ‘Historische Kranten’ van de Koninklijke Bibliotheek heb ik geen ouder voorbeeld  aangetroffen.

maandag 17 december 2012

Ogier van Denemerken : hoofdstukken 101-110


Ogier van Denemerken

Hertaling van het Middelnederlandse epos naar de Middelhoogduitse Ogier von Dänemark,
zoals bewaard gebleven in handschrift Heidelberg CPG 363,

door Amand Berteloot.

Hoofdstukken 101-110
(regels 4984-5890)

Verantwoording van de editie

Drie minnaars in de klas

Eén van de leukste kluchten uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis is het zestiende-eeuwse Een speel van drie minners. Er is inmiddels een moderne vertaling van: De drie minnaars: de bankier, de manager en de makelaar. Ik zou zeggen: 'Lees die klucht.' Maar misschien zijn er wel docenten Nederlands onder ons die deze tekst in de klas willen gebruiken. In dat geval is hier een kleine lesopzet voor de onderbouw havo/vwo of voor het vmbo, ontwikkeld en uitgevoerd door Chantal van Hest. Het is een controversiële aanpak, want je hebt er geen beamer, smartboard, digiboard, wifi, tablet, flipping the classroom of wat dan ook voor nodig. Het is unplugged onderwijs. 

zondag 16 december 2012

Column 90: 100 % DNA match Jacob van Maerlant

Door Willem Kuiper

Elke woensdagmiddag werken Hella Hendriks en ik een aantal uren aan het Repertorium van Eigennamen in Middelnederlandse Literaire Teksten (REMLT). Verspreid over de week editeer, lees, of excerpeer ik teksten die tot het corpus behoren of eraan kunnen bijdragen. Jan van Stijevoorts refreinenbundel uit 1524 bijvoorbeeld. In die refreinen lees je zinnen als: ik houd nog meer van jou dan A van B hield, of C van D, of E van F. A tot en met F zijn doorgaans literaire personages, en zo kun je je een betrouwbare indruk vormen van hoe er in het begin van de zestiende eeuw gedacht werd over antieke en middeleeuwse literaire helden. Refreinen vormen een heel rijke bron voor de receptie van literaire kennis.