Verhuisd



Let op: Neder-L is verhuisd naar www.neerlandistiek.nl

vrijdag 31 juli 2015

Verschenen: Journal of Dutch Literature, 2014.2

Van het Journal of Dutch Literature is het tweede nummer van 2014 verschenen. Dit nummer bevat de volgende bijdragen:
  • Pawel Zajas - Before the ‘Nooteboom Effect’ - Dutch Literature at the Suhrkamp Publishing House
  • Ernst Van Alphen - 'Eigenschaften ohne Mann' - Madness and Introspection in Marcellus Emants's 'Een nagelaten bekentenis'
  • Ted Laros - Preparing the Ground for Artistic Freedom: Judicial Censorship of Publications in Pre-Apartheid South Africa, 1890-1948
  • Reviews:
    • Johanna Bundschuh-van Duikeren, Geschlecht und Postmoderne: Zur Auslotung eines komplexen Verhältnisses am Beispiel des niederländischsprachigen Romans (Göttingen: V&R, 2014). Door Beatrix van Dam.
    • Gijsbert Pols, Naturalistische Moderne. Arno Holz und Lodewijk van Deyssel (Münster: Nodus Publikationen, 2015). Door Laurens Ham.


De teksten zijn integraal toegankelijk op de website van het tijdschrift: www.journalofdutchliterature.org, onder 'Current'.

Neder-L-cartoon #63

De Taalprof bekijkt alles morfologisch

Hoe zou communicatie verlopen in een eventueel hiernamaals?

Onverwachte taalvragen in de Nationale Wetenschapsagenda (6)
Door Marc van Oostendorp

Wat mij een interessante vraag voor de wetenschap lijkt: waarom hebben mensen eigenlijk vragen ingestuurd voor de Nationale Wetenschapsagenda? We weten inmiddels dat velen van hen wetenschappers waren, en die deden het waarschijnlijk om hun eigen onderzoek in het zonnetje te zetten. Dat is legitiem – er was geen enkele regel die het verbood – maar het gaat ons er hier niet om. Waarom deden de niet-onderzoekers het? Hoopten ze inderdaad de agenda van de wetenschap voor de komende jaren te bepalen? Waren ze alleen nieuwsgierig naar een bepaalde kwestie? 

Aangezien er geen geld en tijd is om deze waanzinnig interessante kwestie te onderzoeken, moeten we het voorlopig doen met de vragen die daadwerkelijk aan de Nationale Wetenschapsagenda gesteld zijn. Vragen als:

donderdag 30 juli 2015

Neder-L-cartoon #62

De Taalprof wordt steeds maar gevraagd om te reageren

Wanneer kan het Nederlands afgeschaft worden in de publieke sfeer?

Onverwachte taalvragen in de Nationale Wetenschapsagenda (5)

Door Marc van Oostendorp

Duvet Cover Set (100% Cotton) van de
Hollandsche Eenheidsprijzen
Maatschappij
Taalkundigen denken het volgende over 'leken': dat ze denken dat spelling hetzelfde is als taal. Dat hun wetenschappelijke belangstelling zich beperkt tot de etymologie. Dat ze geobsedeerd zijn door het verval dat ze overal om zich heen menen te zien.

Maar wie zou er durven beweren dat er uit 'het brede publiek' geen onverwachte vragen kunnen opborrelen nadat hij de volgende vraag gelezen heeft?
  • Wanneer kan het Nederlands afgeschaft worden in de publieke sfeer? Het is nog steeds vrij gebruikelijk dat er bij publieke aangelegenheden Nederlands gesproken wordt, ook binnen universiteiten. Dit vormt echter een groot probleem voor talentvolle buitenlandse wetenschappers die hierdoor problemen ondervinden, zowel in het dagelijks leven als aan de universiteit. Zij worden door de taalbarrière uitgesloten van veel besluitvorming binnen de universiteit en daarbuiten. Ook als docent zijn ze slecht in te zetten, aangezien veel vakken nog in het Nederlands worden gegeven. Hierdoor zullen veel jonge talentvolle onderzoekers uitwijken naar bijvoorbeeld de Verenigde Staten of Engeland, waar de internationale taal van de wetenschap wel algemeen gehanteerd wordt. Persoonlijk heb ik al te veel verhalen hierover gehoord. Is het mogelijk omhet Engels in te voeren als officiële taal, en het gebruik hiervan bij belangrijke publieke zaken verplicht te stellen? Dit lijkt me essentieel als we nog mee willen doen met de top van de wetenschap, die zich nu eigenlijk alleen bevindt in Engelstalige landen.

woensdag 29 juli 2015

Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel X: Van Rome naar Florence

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:
Alan Moss heeft ook een eigen, informatieve, website.

Neder-L-cartoon #61

De Taalprof voelt zich een deel van een grotere verzameling

De minister wil het nu eenmaal zo

Er breekt paniek uit in ons managementshorrorvervolgverhaal De verleden tijd van lijken.

Door Marc van Oostendorp


De boomlange voormalige promovenda Sophie was in haar sas. Sinds korte tijd was zij voorzitter geworden van de examencommissie – een verantwoordelijke baan, minister Bussemaker had het zelf gezegd. Fluitend deed Sophie sindsdien haar werk, zoals het opstellen van een nieuw standaardevaluatieformulier voor het eindgesprek na de propedeuse. Het diende nergens toe, maar het was wel verantwoordelijk.

Het waren immers de examencommissies die de kwaliteit van de opleidingen garandeerden. Onder Sophies voorzitterschap was die kwaliteit inderdaad zienderogen verbeterd. Ieder vak dat werd aangeboden was in de afgelopen twee jaar al een keer in een of andere steekproef meegenomen ter controle. De procedure voor de afstudeergesprekken in de BA, de MA en de Research MA waren in zes uitvoerige documenten – zowel in het Nederlands als in het Engels – vastgelegd.


dinsdag 28 juli 2015

Neder-L-cartoon #60

De Taalprof doet participerend veldonderzoek
naar wenselijkheidsmodaliteit

De nummer één

door Jan Stroop

Kortgeleden zag ik op de website Taalmeldpunt.nl de volgende melding: “Flexa, het nummer één verfmerk voor doe-het-zelvers.” De melder vond kennelijk dat het nummer één een vreemde formulering is en inderdaad je leest en hoort in dit soort combinaties steeds de nummer één met ’t lidwoord de.  Paar voorbeelden uit Google:  De nummer één uien leverancier van Europa. Waarom is Engels de nummer één wereldtaal?  

Meestal gaat ’t bij de nummer één om sportverslaggeving, zoals hier:
Novak Djokovic is weer de nummer één op de wereldranglijst.
In mijn ogen is Barça nog altijd de nummer één van Europa.
De Oranje Dames zijn nog steeds de nummer één van de wereld.
Agassi de nummer een, maar Becker is er ook nog.
om zodoende de nummer één spits te worden in Amsterdam.

Mogen beta's en gamma's zich met de taalkunde bemoeien?

Door Marc van Oostendorp

Wie mag er precies onderzoek doen naar taal? Moet je eerst een paar jaar naar de universiteit om iets te mogen zeggen over dit wonderlijke, alomvertakkende, ingewikkelde, interessante, fraaie, onderwerp? Of is wat een wiskundige met zijn onbevooroordeelde blik erover te zeggen heeft misschien wel veel interessanter dan wat jij en ik er eventueel over te berde zouden kunnen brengen?

Het is al een tijdje een onderwerp in iedere koffiekamer waar meer dan één taalkundige aanwezig is, en daardoor natuurlijk ook op de weblogs die er zijn. De afgelopen jaren verschijnt er immers geregeld af en toe onzinonderzoek in de media van psychologen, statistici en allerlei andere lieden die als olifanten door de porseleinkast lopen, in belangrijke tijdschriften bevindingen over taal publiceren die voor de meeste taalwetenschappers op zijn best achterhaald zijn, en daar ook nog eens de media mee halen.

Wat moet je daarmee?

maandag 27 juli 2015

Linguïstisch Miniatuurtje CLXIII: Mensen moeten zich hier niet aan ergeren heb ik zoiets

Door Peter-Arno Coppen
 
Kenny B: "heb ik zoiets"
Ik ben een verklaard liefhebber van de constructie Ik heb zoiets van. Wat mij betreft is er geen mooiere aanwending van eenvoudige middelen om een subtiel communicatief resultaat te krijgen. De constructie bevat een aantal oeroude elementen die samen een betekenis creëren die aangeeft dat het navolgende citaat, of de navolgende uitspraak, iemands "innerlijke stem" representeert. Als je zegt Hij had zoiets van "Geef de appelmoes eens door," dan heeft de persoon waarover je het hebt niet werkelijk gezegd "Geef de appelmoes eens door," of zelfs maar een uitspraak gedaan die daarop lijkt. Nee, je geeft daarmee aan dat je uit allerlei signalen opmaakt dat hij graag wil dat de appelmoes doorgegeven wordt. Ook als je zegt Ik had zoiets van "Geef de appelmoes eens door," dan rapporteer je je eigen innerlijke stem. Het is subtiel anders dan Ik dacht: "Geef de appelmoes eens door." De constructie met ik had zoiets van impliceert dat je in je gedragingen wel iets laat merken, wat bij ik dacht niet noodzakelijk het geval is.

Als liefhebber word ik zelden verrast door een nieuwe gebruikswijze van Ik heb zoiets van. Maar gisteren overkwam me dat toch, toen ik luisterde naar een interview met de bekende zanger Kenny B.

Neder-L-cartoon #59

De Taalprof gaat grondig te werk

Drie talen in het laboratorium van de werkelijkheid

Door Marc van Oostendorp

Wat is een taal? Is het vooral een woordenboek en een grammatica – iets dat je kunt opsluiten in een bandje? Of is het vooral iets dat behoort tot een taalgemeenschap? En wie kan het 't best voor het zeggen hebben in een taal? Het ongeorganiseerde zootje sprekers van die taal, of liever taalwetenschappers en andere deskundigen?

De geschiedenis heeft een experiment gedaan om de antwoorden op die vraag te vinden, laat de Spaanse socioloog Roberto Garvia zien in zijn nieuwe boek: aan het eind van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw kwamen er een taalbewegingen op die pleitten voor kunstmatige internationale hulptalen. De drie grootste van die bewegingen – de voorstanders van respectievelijk het Volapük, het Esperanto en het Ido – hadden heel verschillende ideeën over wat een taal eigenlijk was. Uit het verloop van die strijd kunnen we veel afleiden van hoe een taal werkt, hoe we een taal kunnen maken en beïnvloeden, en wie de baas is van de taal.

Paus

Het Volapük was de eerste.

Een schoone historie van Palmerijn van Olijve : Hoofdstuk 31



Een seer schoone ende ghenoechelicke
historie vanden aldervroomsten ende vermaertsten ridder

Palmerijn van Olijve,

sone van den coninck van Macedonien, ende van de schoone Griane,
dochter van Remicius, keyser van Constantinopelen,
de welcke vele wonderlicke avontueren in haren leven ghehadt hebben,
seer ghenoechelick ende playsant om lesen.


[zoals gedrukt te Arnhem door Jan Janszen, boeckvercooper in 1613]





Alle tot nog toe gepubliceerde hoofdstukken in één pdf:


zondag 26 juli 2015

Neder-L-cartoon #58

De Taalprof is zelf een vakantiebestemming

Klemtoon

Door Marc van Oostendorp

Mijn zondagochtendcollege beschrijft vandaag een verborgen regel van het Nederlands: de plaats van de klemtoon.


zaterdag 25 juli 2015

Neder-L-cartoon #57

De Taalprof kan weer rustig slapen

Polemologische taalwetenschap


Sinds kort is Marc van Oostendorp op Neder-L begonnen met het beantwoorden van vragen over taal die zijn gesteld aan de Nationale Wetenschapsagenda. Zo ook deze vraag:

Welke rol spelen verschillen in spreek- en schrijftaal bij internationale en intranationale conflicten? Het valt mij op dat bij berichtgeving over grootschalige en kleinschalige conflicten tussen groepen wel veel aandacht besteed wordt aan politieke, raciale en godsdienstige verschillen, maar zelden of nooit aan taalverschillen. Toch lijkt het met voor een beter begrip en mogelijke conflictoplossing niet onbelangrijk te weten of de betrokken groeperingen (bijvoorbeeld soennieten en sjiïeten) elkaar kunnen verstaan en elkaars schrift kunnen lezen. Is er sprake van taaldiscriminatie? Is er een lingua franca (bijv. Engels) en voor wie is die toegankelijk? Ook op kleine schaal (Nederlandse samenleving) is de sociaal-onderscheidende functie van verschillen in spreektaal (dialect, uitspraak, woordgebruik) wellicht belangrijker aan het worden dan een zichtbaar verschil als huidskleur of culturele kenmerken als godsdienst en kleding. 

Marc van Oostendorp maakt in reactie op deze vraag een paar goede observaties en opmerkingen, maar een echt antwoord heeft hij niet. Dat heb ik ook niet, maar ik heb wel nog wat meer interessante observaties en opmerkingen. Misschien dat we de polemologische taalwetenschap, net door Marc bedacht, wat meer leven kunnen inblazen…

Hy wil aan Kindertjes, syn Heyl woord toe doen deelen

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (30)
Het Nederlandse sonnet bestaat 450 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?


Door Marc van Oostendorp


Het Nederlandse sonnet werd geboren in 1556. Over, laten we zeggen, de macrostructuur was daarna lange tijd weinig onduidelijkheid: veertien regels, onderverdeeld als twee keer vier en dan twee keer drie. Aan het rijmschema viel eventueel nog wat te morrelen.

Anders lag dat met de opbouw van de versregel. Daarover bestond in het begin allerlei onenigheid: moest je alleen klemtonen tellen? Of alle lettergrepen? Uiteindelijk kwam men uit op een Nederlandse versie van de Franse alexandrin: iedere regel heeft twaalf lettergrepen, of dertien, als de laatste een toonloze e heeft. Precies na de zesde lettergreep is er een pauze, een cesuur: de zesde en de zevende lettergreep vormen nooit samen een woord, of een al te nauw verbonden woordgroep.

In de loop van de zeventiende eeuw komt er een ander soort regelmaat in de regel: een afwisseling van beklemtoonde en onbeklemtoonde lettergrepen. Als die er eenmaal is, wordt de cesuur langzaam weggelaten. Zoals in dit sonnet van Geertruyd Gordon:

vrijdag 24 juli 2015

Neder-L-cartoon #56

De Taalprof krijgt veel bijval voor zijn laatste argument

Welke rol spelen verschillen in spreek- en schrijftaal bij internationale en intranationale conflicten?

Onverwachte taalvragen in de Nationale Wetenschapsagenda (4)

Door Marc van Oostendorp

Een van de mooie kanten van de taalkunde is, vind ik, dat het zo'n enorm breed vak is. Je kunt experimenten doen, of oude folianten doorwerken, je kunt boeren in Flevoland interviewen of je in je bed terugtrekken met een stompje potlood en een stuk papier; en je in al die gevallen toch nog taalwetenschapper noemen.

Maar wanneer je de vragen leest die mensen hebben gesteld aan de Nationale Wetenschapsagenda besef je dat het vak misschien nog niet breed genoeg is, dat we nog veel meer taalwetenschappers nodig hebben die nog veel meer aspecten van taal bestuderen. Mensen die bijvoorbeeld de volgende vraag zouden kunnen beantwoorden: 

donderdag 23 juli 2015

Dit was overigens het nieuws

Door Lucas Seuren

Volgens mij is er iets aan de hand met overigens. Ik dacht altijd dat het betekende dat een deel van de boodschap een soort kanttekening was, maar tegenwoordig heeft het ook een andere discourse-organisatorische rol. Dit zie ik de laatste maanden regelmatig in nieuwsberichten en andersoortige journalistieke artikelen die worden voorzien van een alinea die, als ik overigens ouderwets zou lezen, er volgens de schrijver niet toe doet. Het betreft een bijzaak en zoals elke schrijver weet moet je bijzaken als het even kan altijd weglaten.

In sommige gevallen wordt overigens inderdaad, naar het lijkt, nog op die manier gebruikt. Zo las ik op NRC.nl in een berichtje over de bezoekersaantallen van de Vierdaagsefeesten dat de wandelaars overigens rekening moesten houden met slecht weer, en in een bericht over de verkiezing van de nieuwe FIFA-voorzitter dat overigens een Britse komiek een dosis nepgeld over Blatter uitstrooide. In beide gevallen ging het niet om informatie die de nieuwswaarde ondersteunde of belangrijke achtergrondinformatie leverde (en in beide gevallen had de hele alinea dus volgens mij ook geschrapt kunnen worden).

Neder-L-cartoon #55

De Taalprof legt zich er niet bij neer

Gaat het Nederlands uiteindelijk verdwijnen en zo ja, wanneer?

Onverwachte taalvragen in de Nationale Wetenschapsagenda (3)

Door Marc van Oostendorp

Is het opvallend dat er veel van de vragen aan de Nationale Wetenschapsagenda gaan over de toekomst? Misschien niet. Als ik iets van een andere discipline wil weten zal dat ook vaak gaan over die tijd waar niemand iets vanaf weet. Heeft het nog zin om mij als oude man uit te sloven met rijles of komt de zelfbesturende auto er harder aan dan ik kan leren schakelen? Zullen we ooit de muizen uit huis kunnen weren zonder ze dood te maken? Kunnen we ooit door stijlanalyse vaststellen of Caesar platvoeten had?

 En toch zijn het precies dat soort vragen waarbij je als taalkundige met de mond vol tanden staat. Vragen als:
  • Taal is veranderlijk. De Nederlandse taal is altijd een mengelmoes geweest van Nederlandse, Duitse, Engelse, Franse en Spaanse woorden. Met name het Engels nestelt zich sneller dan ooit in onze taal. Bij hoeveel procent buitenlandse woorden kan je de Nederlandse taal niet meer een zelfstandige taal noemen? Gaat het Nederlands uiteindelijk verdwijnen en zo ja, wanneer?

woensdag 22 juli 2015

Linguïstisch Miniatuurtje CLXII: ik ben een van de weinigen die dit vindt

door Peter-Arno Coppen

Oude tijden herleven! De afgelopen dagen zat ik ineens in een discussie die ik bijna dertig jaar geleden ook al voerde. De aanleiding was de bekende constructie Zij was een van de laatste vrouwen die klederdracht droeg, en de discussie vond plaats in de facebook-groep voor leraren Nederlands. De taalprof heeft er ook al eens over geschreven (hier), maar dat is ook alweer acht jaar geleden. Blijkbaar zit er nog altijd iets in, dat de gemoederen hoog doet oplopen.

Neder-L-cartoon #54

De Taalprof trapt er niet in

Hoeveel Nederlands hebben we al gebruikt?

Onverwachte taalvragen in de Nationale Wetenschapsagenda (2)

Door Marc van Oostendorp


Er zijn voor een taalkundige soms verrassende vragen ingediend bij de Nationale Wetenschapsagenda. Zoals:
  • Hoeveel Nederlands hebben we al gebruikt? 'Banket' en 'stoet' zijn Nederlandse woorden, 'stulika' en 'oproom' zijn (waarschijnlijk) geen Nederlandse woorden, maar zouden het kunnen zijn, 'hglsko' en 'salptjr' kunnen geen Nederlandse woorden zijn. Hoeveel van het potentieel hebben we gebruikt, en verschilt het Nederlands daarin van andere talen?
Het antwoord op die vraag valt wel bij benadering te geven.

dinsdag 21 juli 2015

Neder-L-cartoon #53

De Taalprof heeft vier dagen om erachter te komen

Hoe kan de Nederlandse taal aangepast worden aan de hedendaagse gender-realiteit?

Onverwachte taalvragen in de Nationale Wetenschapsagenda (1)

Door Marc van Oostendorp

In deze zomerserie ga ik in op voor taalkundigen onverwachte vragen die 'het publiek' gesteld heeft aan de Nationale Wetenschapsagenda. Een van de ideeën achter die agenda is dat de wetenschap onverwachte vragen uit het publiek krijgt aangereikt. Vervolgens zijn wetenschappers zelf ook en masse vragen gaan indienen omdat ze het idee hadden dat minstens een deel van de onderzoeksgelden weleens naar de vragen van de wetenschapsagenda zijn gegaan. Ik vermoed dat die vragen uiteindelijk ook de meeste kans hebben, maar ik wil me nu richten op de onverwachtere vragen.

Waarom zal de taalwetenschap bijvoorbeeld vermoedelijk niets doen met de volgende vraag? Hij snijdt een maatschappelijk probleem aan dat te maken heeft met taal, dat mogelijk kan worden opgelost door iets te doen met de taal en dat daarom niet door enige andere wetenschapper zal worden aangepakt:

maandag 20 juli 2015

Neder-L-cartoon #52

De Taalprof zoekt alvast een vakantiebestemming uit

Onverwachte taalvragen in de nationale wetenschapsagenda (0)

Door Marc van Oostendorp

Nationale Wetenschapsagenda, gingen er 221 over taal. Inmiddels hebben de jury's en commissies die aan die agenda werken de vragen enigszins gegroepeerd en georganiseerd. Voor de taalvragen leidde dat tot de volgende vier overkoepelende vragen:
Onder de duizenden vragen die er dit voorjaar gesteld zijnaan de
Zoals te verwachten was, loopt rijp en groen door elkaar.

Een schoone historie van Palmerijn van Olijve : Hoofdstuk 30



Een seer schoone ende ghenoechelicke
historie vanden aldervroomsten ende vermaertsten ridder

Palmerijn van Olijve,

sone van den coninck van Macedonien, ende van de schoone Griane,
dochter van Remicius, keyser van Constantinopelen,
de welcke vele wonderlicke avontueren in haren leven ghehadt hebben,
seer ghenoechelick ende playsant om lesen.


[zoals gedrukt te Arnhem door Jan Janszen, boeckvercooper in 1613]





Alle tot nog toe gepubliceerde hoofdstukken in één pdf:


zondag 19 juli 2015

Een (downloadbaar) middeleeuws vakantieboek: Een schone historie van Alexander van Mets

Door Willem Kuiper

Ick segghe dattet lesen meer goedt dan quaedt is,
Wantmen schout dobbelen, boordeelen, taveerne
Tuyschen, vechten, quade eeden te sweerne.
Met deze woorden poogt de inleider van deze schone historie zich te verdedigen tegen pilaarheiligen en andere asceten, die van mening zijn dat het lezen van (dit soort) boeken een zondige bezigheid is:
Al segghet [die sulcke] die pilaren bijt
Dat historien te lesen is sonderlijck,
Ydel glorie ende verlooren tijt,
Sy berechten schandelijck een anders verwijt.
U hoeft zich dus niet te schamen voor het downloaden van dit boek naar uw digitale leesplankje om te lezen wat Alexander van Mets overkwam, die zo nodig een pelgrimage naar het Heilig Graf te Jeruzalem wilde maken (op zich niets mis mee), maar dat wenste te combineren met wat militant vrijwilligerswerk tegen de Saracenen in Syrië. Dat liep niet goed af, waarna hij met zijn medereizigers gevangen werd genomen en als ploegtrekker dwangarbeid moest verrichten.
     Alexander viel op omdat hij een wit hemd droeg met een rood kruis, en omdat dat hemd ondanks alles schoon bleef en niet sleet. Bij de sultan geroepen om daarover uitleg te geven, vertelt Alexander dat dit hemd smetteloos wit en ongeschonden zal blijven zolang als zijn vrouw te Mets in Loreinen hem trouw zal blijven.
     De sultan wijst een knappe Saraceen als vrijwilliger aan, geeft hem een zak geld en stuurt hem naar Mets met de opdracht Alexanders vrouw te verleiden om te kijken wat er dan met zijn hemd gebeurt ...

Neder-L-cartoon #51

De Taalprof verzekert u dat zijn hond niets doet

Twee soorten klinkers

Door Marc van Oostendorp

Mijn zondagochtendcollege gaat deze week over de twee soorten klinkers van het Nederlands.

zaterdag 18 juli 2015

Opvoering Vondels Maria Stuart door Theater Kwast



Op zondag 22 november 2015 speelt Theater Kwast het koninginnedrama Maria Stuart of Gemartelde Majesteit van Joost van den Vondel  in VondelCS in Amsterdam. Het stuk uit 1646 neemt ons mee naar het kasteel Fotheringay, waar in 1587 de Katholieke rivaal van de Engelse Koningin Elizabeth gevangen zit; Maria Stuart. Tijdens haar laatste uren voor haar schijnbaar onvermijdelijke terechtstelling overdenkt, tiert, bidt en smeekt de tragische tegenkoningin in een zinloze strijd tegen de naderende dood.

Theater Kwast speelt het stuk in zijn serie Mond op Mond: acteurs en musici van de theatergroep repeteren in één dag een stuk en spelen het vervolgens dezelfde middag met tekst in de hand voor publiek. Kwast speelt zo komend seizoen drie stukken van Vondel in VondelCS.

Datum en tijd: Zondag 22 november 2015, 15.30 uur
Locatie: VondelCS, Vondelpark 3, Amsterdam
Entree: € 12,50
Reserveren via: www.theaterkwast.nl. Op deze website is ook de complete speellijst en meer informatie te vinden.

Neerlandistiek-video's

Door Laura Jacobs

Video's zijn gemakkelijk te maken en te uploaden. Er verschijnen bijvoorbeeld steeds meer video's die iets met de neerlandistiek te maken hebben. Die willen we voortaan verzamelen in een eigen Neder-L-videokanaal op op YouTube. Hier is onze eerste eigen selectie:


Neder-L-cartoon #50

De Taalprof bereidt alvast zijn out-of-office-reply voor

Kick, borr, kick, kick, kick

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (29)
Het Nederlandse sonnet bestaat 450 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Er zijn geloof ik weinig literaire tradities waarin het sonnet zo veelzijdig is als de Nederlandse. In de eerste jaren wijdden de dichters zich nog vooral aan de hoofse liefde in de traditie van Petrarca. Daarna gaan ze er ook godsdienstige gedichten in schrijven.

Maar dan komt Anna Roemers Visscher aan in Zeeland, om er te logeren bij Jacob Cats en wordt het vrolijk. Ze ontmoet er een groep Zeeuwse dichters die de wereld willen bewijzen dat er ook in hun provincie goede moderne literatuur wordt geschreven. Die dichters schrijven gedichten voor en over Anna en zij reageert met een beroemd geworden en enorm vrolijk Sonnet Aen de Zeeusche Poëten:

vrijdag 17 juli 2015

Politieke verantwoordelijkheid

Door Lucas Seuren

Onlangs vond ik mezelf op de publieke tribune bij een raadsvergadering in de gemeente Eindhoven. Niet omdat ik zo geïnteresseerd was, zelfs in mijn eigen gemeente heb ik nooit een vergadering bijgewoond, maar mijn vader zou als wethouder beëdigd worden en dat leek me wel bijzonder. Na ellenlange discussies, zoals dat gaat in de politiek, leek de vergadering op zijn einde te lopen. Maar dat was buiten de oppositie gerekend. Deze diende namelijk, om iets van 23:30u. als het niet later was, een motie van afkeuring en wantrouwen in tegen de wethouder sport. Weer een schorsing later, en na het officiële weerwoord van de coalitie, kreeg de wethouder nog even het woord. Zij vertelde dat zolang ze de steun van de raad had, ze niet weg zou lopen voor haar verantwoordelijkheid.

Hans Vaders (66) overleden


door Bart FM Droog

Hans Vaders (Den Haag, 1949) is op woensdag 15 juli 2015 op 66-jarige leeftijd overleden op Curaçao, zo bericht uitgeverij In de Knipscheer. Vaders was neerlandicus en vooral bekend als journalist, schrijver en dichter, en in een langer verleden ook als docent Nederlands op Curaçao. Eind juni werd Hans Vaders opgenomen in het ziekenhuis en hij raakte in de nacht van 14 op 15 juli in een coma, waaruit hij niet meer ontwaakte.

Hans Vaders studeerde Nederlands aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Op Curaçao heeft hij de functies van verslaggever, columnist, hoofd- en eindredacteur bij verschillende kranten bekleed, waaronder Beurs-en Nieuwsberichten, Amigoe, het Antilliaans Dagblad en de Curaçaosche Courant. De afgelopen jaren was Vaders eindredacteur van de Ñapa, de weekendbijlage van ochtendkrant Amigoe, en columnist bij de Knipselkrant.

Als hoofdredacteur van de Curaçaosche Courant wist hij in 1988 en 1989 de door hem bewonderde auteur Boeli van Leeuwen te strikken voor het schrijven van een wekelijkse column, die in 1990 zouden worden gebundeld tot Boeli van Leeuwens meest succesvolle boek Geniale anarchie.

Vanaf 2001 manifesteerde hij zich ook zelf als veelzijdig auteur en schreef hij verschillende boeken, waaronder Otrobanda. Berichten van de overkant, Terug tot Tovar, Tropische winters en samen met beeldend kunstenaar Herman van Bergen Kate Moss in Mahaai, alle vier verschenen bij uitgeverij In de Knipscheer.

Michiel van Kempen roemde de verhalen in Vaders’ prozabundel Otrobanda als ‘juweeltjes van beschrijvingskunst’ en: ‘Als stadsschrijver moet Tip Marugg zijn meerdere erkennen in Hans Vaders’.

Het hier afgebeelde portret is gemaakt door zijn vriend Herman van Bergen en staat op de omslag van Terug tot Tovar (2012)

Neder-L-cartoon #49

De Taalprof heeft altijd geleerd
dat er maar één meewerkend voorwerp in de zin staat

Na aanleiding van

Door Marc van Oostendorp

Kan een grammaticus eigenhandig het taalgevoel van vele generaties na hem beïnvloeden? Het begon gisteren met een tweet van de bekende taalkundige Jan Renkema:
Ik word altijd achterdochtig als ik 'steeds vaker' lees. Hoe weet je dat, dat het nu meer gebruikt wordt dan vroeger? Het is heel moeilijk te tellen. Mijn eigen ervaring is dat in taalzaken mijn soms ineens iets overal om me heen kan opvallen dat daardoor als helemaal nieuw aanvoelt, terwijl ik als ik het controleer al heel lang blijkt te worden gebruikt – ook door mensen in mijn omgeving. En hoewel Renkema zeker taalgevoeliger is dan ik, wil ik toch wel weten waarom hij dat denkt. De Google-getallen geven hooguit een indicatie over hoe het nu ongeveer is, niet over hoe het vroeger was.


donderdag 16 juli 2015

Neder-L-cartoon #48

De Taalprof heeft geen vertrouwen in deze benoemingsmethode


Een schoone historie van Palmerijn van Olijve : Hoofdstuk 29



Een seer schoone ende ghenoechelicke
historie vanden aldervroomsten ende vermaertsten ridder

Palmerijn van Olijve,

sone van den coninck van Macedonien, ende van de schoone Griane,
dochter van Remicius, keyser van Constantinopelen,
de welcke vele wonderlicke avontueren in haren leven ghehadt hebben,
seer ghenoechelick ende playsant om lesen.


[zoals gedrukt te Arnhem door Jan Janszen, boeckvercooper in 1613]





Alle tot nog toe gepubliceerde hoofdstukken in één pdf:


woensdag 15 juli 2015

Neder-L-cartoon #47

De Taalprof vindt de taal niet perfect

Voor op de grill, da's helemaal niet veel

Door Marc van Oostendorp

De verkleuring van de Nederlandse klinkers is inmiddels een nieuw stadium ingetreden: dat van het rijm. Zo gaat het in de geschiedenis van de taal: klinkers beginnen steeds meer op elkaar te lijken, maar pas als mensen gaan vinden dat twee woorden op elkaar rijmen kun je zeggen dat ze echt gelijk zijn aan elkaar.

Dat stadium heeft de ee voor de l bereikt sinds op de radio het volgende spotje wordt uitgezonden:

 

Ja, je hoort het goed: grill rijmt op veel. Ik schreef veertien jaar geleden al over deze verkleuring, er is wat dat betreft niets nieuws onder de zon, maar in deze reclame lijkt me het rijm serieus zo bedoeld en ook niet verwrongen. Hij is dus nu echt tot in de kern van de taal doorgedrongen.


dinsdag 14 juli 2015

Verschenen: TS #37

Het nieuwste nummer van TS is nu te lezen op www.tijdschriftstudies.nl. Nummer 37 bevat drie artikelen, respectievelijk over het genre van de chronique en de Franse auteur Bernard Frank, het Nederlandse tijdschrift Critisch Bulletin (1930-1941), en Belgisch-Poolse culturele mobiliteit tussen modernistische kunstenaars en tijdschriften. In TS Tools worden de mogelijkheden van de database van Nederlab gedemonstreerd door Nicoline van der Sijs, coördinator bij Nederlab. De andere vaste rubrieken zoals de recensies, Tien vragen (ditmaal aan een Nijmeegse tijdschriftredactie) en de signalementen zijn ook aanwezig, en het symposiumverslag betreft dit keer de Open Access bijeenkomst die in april werd georganiseerd door de UvA en Spui25.

Onze Taal – juli/augustus 2015

84ste jaargang nummer 7/8


Berthold van Maris
‘Zandweg naar het zielehuis’
Het dubbele genoegen van de Bijbel in dialect
Al zeker twaalfmaal is de Bijbel in een Nederlands dialect vertaald. Hoe pakken vertalers dat aan? En waarom zou je zo’n vertaling eigenlijk gaan lezen?

Kees van der Zwan
“In het Nederlands moet je creatiever zijn”
Gesprek met Dave von Raven van The Kik
De afgelopen vier jaar was The Kik zo ongeveer overal te zien en te horen met hun Nederlandstalige nederbeat. Voorman Dave von Raven over schrijven en zingen in je eigen taal.

Neder-L-cartoon #46

De Taalprof heeft moeite met de aanhangers
van de Regel van de Foutieve Beknopte Bijzin


Het einde van de website

Door Marc van Oostendorp

Af en toe moet ik mezelf er even aan herinneren dat ik in een spannende tijd leef – de tijd van de internetrevolutie. Vrijwel alles wat er in mijn leven veranderd is in de afgelopen twintig jaar en dat geen rechtstreeks verband houdt met het feit dat ik vroeger jong en enthousiast was en nu vergrijsd en verbitterd, komt door het internet.

Dat ik geld uit de muur kan halen. Dat ik iedere dag, inclusief dagen in het weekeinde, ruim vijftig brieven kan beantwoorden. Dat ik ook als ik op reis ben duizenden boeken bij me heb, en er nog veel meer kan opzoeken. Dat degene wiens deadline ik overschrijd, makkelijk kan controleren dat ik wel tijd heb voor andere dingen.

Staat van dienst

Bij dat internet hoort, zolang ik me er op begeef, ook dat mensen zeggen dat 'de hype nu wel voorbij is', dat we binnenkort weer normaal gaan doen, en terugkeren tot het oude. We gaan weer gewoon papieren boeken lezen, vinyl luisteren, via een vaste lijn bellen, travelercheques op reis meenemen.

Het zijn niet de onverstandigste mensen die het zeggen.

maandag 13 juli 2015

Summer School History of the Book



Van 17 tot en met 28 augustus 2015 organiseren de Leerstoelgroep Boekwetenschap en Handschriftenkunde en de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam voor de zesde keer een summer school over de geschiedenis van het boek.

De summer school biedt een ‘à la carte’-programma. Deelnemers kunnen één onderdeel kiezen, maar ook een programma van twee volle weken, en alles daartussenin. Het aanbod is bestemd voor iedereen die geïnteresseerd is in boekgeschiedenis: onderzoekers, studenten, bibliotheek- en museummedewerkers en alle andere liefhebbers van boeken en manuscripten, bibliotheken en antiquariaten, druktechnieken en typografie.

Neder-L-cartoon #45

De Taalprof is op zoek naar een werkwoordelijke uitdrukking

Hoe het Engels de wetenschapstaal werd zonder dat iemand het wilde

Door Marc van Oostendorp


Een beetje natuurwetenschapper moest in de negentiende eeuw liefst drie verschillende talen kunnen lezen: Duits, Frans en Engels. Een beroemde scheikundige als Dmitri Mendelejev had moeite om zijn claims op de ontdekking van het periodiek systeem van de elementen aannemelijk te maken omdat hij deze in het Russisch had gepubliceerd.

Dit leidde her en der tot grote ontevredenheid: kon dat niet beter? Was het niet ooit beter geweest, toen het Latijn nog de internationale taal van de wetenschap was? En kon het niet beter? In zijn nieuwe, meeslepende boek Scientific Babel beschrijft de Amerikaanse historicus Michael Gordin de geschiedenis van de internationale wetenschapstalen "vanaf de val van het Latijn tot de opkomst van het Engels" zoals de ondertitel luidt, al neemt hij feitelijk de geschiedenis van het Latijn én de huidige dominantie van het Engels ook nog mee.

Die geschiedenis leert vooral dat je in zaken van taalpolitiek beter niets kunt proberen. In de loop van de tijd zijn feitelijk alle pogingen om tot een oplossing van het taalprobleem in de wetenschap te komen, mislukt. Ondertussen groeide de oplossing waar niemand zich voor inzette – het Engels – tot de oplossing die het nu biedt.


Een schoone historie van Palmerijn van Olijve : Hoofdstuk 28



Een seer schoone ende ghenoechelicke
historie vanden aldervroomsten ende vermaertsten ridder

Palmerijn van Olijve,

sone van den coninck van Macedonien, ende van de schoone Griane,
dochter van Remicius, keyser van Constantinopelen,
de welcke vele wonderlicke avontueren in haren leven ghehadt hebben,
seer ghenoechelick ende playsant om lesen.


[zoals gedrukt te Arnhem door Jan Janszen, boeckvercooper in 1613]





Alle tot nog toe gepubliceerde hoofdstukken in één pdf:


zondag 12 juli 2015

Script

Over Mens Dier Ding van Alfred Schaffer (slot)

door Gert de Jager

'Het ging me om het plezier van het script, de waanzinnige belichting, de schoonheid van je hallucinaties'. Aan het woord is de dichter die op het punt staat de bundel Mens Dier Ding te publiceren en zich richt tot de hoofdpersoon in diezelfde bundel: de legendarische, negentiende-eeuwse Zoeloekoning die in de roman van Thomas Mofolo, de voornaamste inspiratiebron voor de bundel, Chaka wordt genoemd, op de achterkaft waaruit dit citaat afkomstig is Shaka en in de bundel zelf Sjaka. Niet alleen de overvloed aan anachronismen in de bundel maakt duidelijk dat het Schaffer niet te doen was om het vastpinnen van een personage in zijn historische context. Zelfs het meest banale conceptuele sys-teem dat zo ongeveer denkbaar is, een spellingsysteem, laat zien dat historische identiteiten en essenties gedoemd zijn om aan eenduidigheid te ontsnappen.  

Een dichter die zegt dat hij plezier heeft in een script, zou een uitspraak kunnen doen over zijn arbeidsvreugde. Wanneer hij de hallucinaties van een bloeddorstige dictator bewondert, is er meer aan de hand.

Pas verschenen: Typisch Vlaams

Door Miet Ooms

Bij uitgeverij Davidsfonds is het boek Typisch Vlaams van Ludo Permentier en Rik Schutz verschenen. Dit boek is een naslagwerk voor tekstschrijvers en sprekers, maar bevat ook heel wat interessante weetjes over taal.

In Typisch Vlaams (576 blz.) bespreken de auteurs meer dan 4000 woorden en uitdrukkingen die in Nederland niet of zelden voorkomen, maar overal in Vlaanderen te horen en te lezen zijn. Zo brengen ze de grote en kleine verschillen in woordenschat en taaleigen in beeld, zonder automatisch elk verschil af te keuren. Bij elk trefwoord staat niet alleen aangegeven of het woord tot de standaardtaal in België behoort. Je komt ook te weten of het tot het informele of net het formele register beperkt is, hoe ‘Belgisch’ het is en hoe gangbaar het is. Bij elk trefwoord is een citaat opgenomen uit een krant, tijdschrift of roman, waarin het gebruik van het woord treffend wordt geïllustreerd. Achteraan in het boek is de uitgebreide bronnenlijst van die citaten opgenomen.

Neder-L-cartoon #44

De Taalprof gebruikt nooit onnodige spaties